Jeudi 19 mars 2009
4
19
/03
/Mars
/2009
00:47
De euforie van de winst begint nu, zo’n kleine maand na de uitspraak van het hoger beroep, een beetje weg te ebben. Tijd voor een nuchtere blik op de stand van zaken. Dat ziet er eigenlijk helemaal
niet zo fraai uit. De rechtszaak, waarbij ik overigens op persoonlijke titel beschuldigd werd, heeft me toch meer aangegrepen dan ik dacht. Ik voel me een beetje uitgekakt. Bovendien realiseer ik
me terdege dat deze zaak me ook financieel heeft uitgeput. Advocaten zijn duur en ik moest een jaar lang de aanvullende inkomsten uit Immogo missen.
Deze hele affaire heeft me bij elkaar zo’n 10.000 euro aan honorarium van advocaten gekost. Plus het verlies aan omzet. Tussen 2004 en begin 2008 draaide Immogo 28.000 euro (bruto), waarvan 17.500
in 2007 ! De site begon net lekker te draaien toen ze me verplichtten de zaak te sluiten.
Bij een conservatieve schatting (de markt begon aan het eind al wat weg te zakken) heb ik door het sluiten van Immogo tussen 02/2008 en 02/2009 zo’n 15000 euro omzet misgelopen. Samen met de
juridische kosten dus een schade van 25.000 euro. Volgens mijn advocaat kan ik dat geld bij niemand claimen.
De spierballentactiek van een grote vereniging
Het komt er op neer dat de FNAIM met haar enorme budget en advocatenleger aangifte kan doen tegen iedereen waarvan ze vagelijk vermoeden dat hij misschien eventueel wel iets zou kunnen doen dat
verboden is volgens de beroepsregulerende ‘loi Hoguet’. Als de openbare aanklager de zaak ziet zitten en vervolging instelt, voegt de FNAIM zich als benadeelde partij bij de zaak om
schadevergoeding te eisen. Dit geeft ze ook het recht om hun advocaat in de rechtszaal de verdachte nog wat steviger aan de schandpaal te nagelen.
Als de aangevallen persoon of onderneming ‘niet schuldig’ wordt verklaard, dan hebben ze hem toch op zijn minst een tijdje van zijn werk gehouden en op kosten gejaagd. De FNAIM hoeft nooit
schadevergoeding te betalen, omdat zij de rechtszaak zelf niet hebben aangespannen. Maar wordt de verdachte schuldig gevonden dan moet hij wél de juridische kosten van de FNAIM vergoeden, soms
aangevuld met een vergoeding voor geleden schade.
Zo werd ik zelf in eerste instantie veroordeeld tot het vergoeden van 1.000 euro advocaatkosten plus 1500 euro ‘schade’ aan de FNAIM. Waar die schade geleden was, was me niet duidelijk, maar de
FNAIM kon het geld waarschijnlijk goed gebruiken voor het financieren van een volgend proces.
Toen ik echter in hoger beroep werd vrijgesproken, kreeg ik geen cent vergoed. Ik moest kennelijk blij zijn dat ik mijn zieltogende site weer online kon zetten. Helaas had ik geen geld meer om
reclame te maken.
En nu… cassatie!
Het is nog niet afgelopen. De FNAIM heeft om cassatie gevraagd. Het hoogste hof – in Parijs - gaat kijken of het beroep volgens de regels is behandeld. Zo niet, dan wordt de zaak terugverwezen naar
het beroepshof, waar de hele toestand opnieuw begint. De openbaar aanklager heeft nog niet om cassatie gevraagd. Dus mocht ik verliezen, dan krijg ik niet meer die enorme boete en voorwaardelijke
straf opgelegd. Maar intussen moet ik wel betalen voor een nieuwe advocaat (een van de zestig advocaten die in cassatiezaken mogen pleiten), wat me naar schatting nog eens 2500 à 3500 euro gaat
kosten.
Moet het beroep inderdaad over, dan moet ik natuurlijk weer mijn verdediging betalen. Ik kan dus opnieuw minsten 7.000 euro onkosten tegemoet zien, zonder enige mogelijkheid ze vergoed te
krijgen.
De kans is tamelijk groot dat ik aan het eind alles gewoon win. Dat ik na ruim vijf jaar vechten en gedoe uiteindelijk volledig vrijgepleit zal zijn. En failliet.
Gek, maar hier heeft mijn rechtsgevoel toch een beetje moeite mee.
Ik leef met je mee, het is een hopeloos rechtsysteem in Frankrijk. Eigenlijk zou je mensen moeten adviseren vooral weg te blijven uit dit land. Wij hebben volslagen ten onrechte een inval van 20 geuniformeerde en enorme in beslagname gehad.
Je denkt na bijna 50 jaar hard werken hier je rust te kunnen vinden, daar denken fransen anders over. Dwarszitten die buitenlanders en het liefst zoveel mogelijk.
Het is zacht uitgedrukt maar ik kan ze niet meer geschildert zien.